Selecteer een pagina

Rode lippenstift

Met lange blonde haren zag ik haar achter het stuur zitten. Ze leunde een beetje naar voren en ze leek wel zachtjes mee te bewegen met iets. Haar perfect opgemaakte gezicht met rood gestifte lippen, keek blij naar de auto’s voor haar.

Auto’s voor haar die in een lange rij richting de afslag kropen.

Auto’s die ik zag als grote hompen belemmeringen op weg naar mijn bestemming.

Maar zij niet! De grote rode lippen bewogen langzaam uit elkaar en vormden woorden.

Ze had geen oortjes in. Niet die gestreste gefronste blik die veel mensen kunnen hebben als ze nog snel een telefoongesprek moeten doen onderweg.

Ze keek blij. Een grote glimlach brak door op haar gezicht en af en toe deed ze heel eventjes haar ogen dicht, alsof ze putte uit iets dat fladderde in haar borstkas.

Ik draaide de radio aan. Rammelde wat met mijn voorgeprogrammeerde knopjes. En ineens hoorde ik het: “”When the sun goes down and the band won’t play… I’ll always remember us this way.”

Uit de radio kwamen de woorden, die de rode lippen naast mij zo zorgvuldig vormden. De intensiteit van de muziek kon ik bijna letterlijk aflezen in de zacht toegeknepen ogen en verrukte glimlach van de blondine in de auto naast mij. En ik kon precies haar blijdschap voelen, terwijl ook ik begon mee te zingen met Lady Gaga.

Even afstemmen. Dat doet het dus. Een verbinding waardoor je kan voelen, proeven, begrijpen wat de ander bedoelt. Het is zoveel meer dan alleen het woord. En soms zijn we het zó helemaal kwijt. Begrijpen we helemaal niks van die rode lippen van de ander.

Wil jij weer afgestemd werken in jullie team? Weer rode lippen kunnen zien in plaats van alleen een rij met auto’s? Zijn jullie het even kwijt om elkaar echt te horen? Bel me op 06-41335607 en ik kom graag langs, zonder gedoe, zonder factuur en natuurlijk met mooie rode lippen! Kijk voor meer info op  https://www.deteamcoach.nl/teamcoaching/

Een kletsnat gestreept t-shirt

Daar ging ik. Voor het eerst op weg naar de peuterdans. Die ochtend had ik mijn zoontje met veel lawaai en kleine time-outs uiteindelijk in een cute outfit kunnen hijsen. 

Met zijn gestreepte t-shirt met korte mouwen en een zachte bruine gymbroek om lekker in te bewegen, zag hij er in ieder geval uit alsof we erover hadden nagedacht. Sterker nog het zag er bijna uit alsof we het vaker hadden gedaan.

Ik ben niet gek, ha, dus ik had alvast rekening gehouden met drie kwartier extra “in de auto klimtijd”. Dus we begonnen zelfs nog behoorlijk ontspannen aan de autorit. Al liedjes zingend over Harry de poes die een huis zoekt.

Bijna ontspannen dan….

Want ik ging op weg naar een groep die mij altijd een beetje doet sidderen van angst. 

De groep waarbij ik me altijd weer de beginner voel, die verlegen aan de kant de kunst staat af te kijken.

De profi-moeders….. 

De moeders die niet een louzy mamadagje hebben. Nee deze mama’s jakkeren de hele week van peuterdans, naar peuterzwemmen, naar koffieafspraakjes. Ze hebben elke dag standaard én een banaan én in partjes geschilde appels mee en niet één extra luier, maar twee, voor het geval een andere mama er één is vergeten. 

Vaak hebben ze trouwens ook meerdere kinderen…..Die kunnen dat gewoon.

Op dat moment wilde mijn zoontje achterin de auto wat drinken. Stoere mama als ik ben, gaf ik hem mijn flesje water (daar moet hij inmiddels toch ook wel uit kunnen drinken) en heel voorzichtig nam hij wat slokjes. Tot we de bocht doorreden en hij het halve flesje water zo over zijn mooie streepjes shirt kieperde……Kletsnat tot op zijn rompertje.

Toch weer gefaald als profi-mama..

Veel directieteams hebben dit eigenlijk ook (een beetje dan hè). Ze zijn begonnen als drie coole gasten met een cool idee in een garage. Gaaf dingen maken. En toen werden ze ineens succesvol en waren ze niet meer die drie gasten in de garage, maar dat directieteam van een middelgroot bedrijf. 

En stoer doen ze elke dag alsof ze dat profi DT zijn. Alsof ze én een supergaaf product kunnen maken én als vanzelf kunnen leidinggeven. En vaak doen ze het nog best aardig.

Tot ze die bocht doorvliegen en er lastige beslissingen gemaakt moeten worden. Als de grootte van het bedrijf een beetje uit zijn voegen begint te barsten bijvoorbeeld. Of als privé belangen gaan schuren met het bedrijfsbelang. Als kleine irritaties groter worden tot oeverloze discussies.

Stiekem wil je graag die coole gasten uit die garage blijven toch? Vol passie die onderneming leiden. En tegelijkertijd kun je misschien wat handvatten gebruiken van een profi-teamcoach die jullie kan helpen ff wat smoother door de bocht te komen.

Dadelijk ook een zucht van verlichting slaken als het weer lekker loopt? Klaar voor de volgende fase van jullie bedrijf? Kijk maar eens op www.deteamcoach.nl/teamcoaching wat ik voor jullie kan doen. Ik kom graag langs zonder gedoe, zonder factuur. En natuurlijk met banaan en partjes appel.

De sjezende bejaarde

Swoegend fietste ik de hoge brug op. 

Die brug over de Maas was toch even een stukje pittiger dan ik lekker vind. Ik voelde mijn bovenbenen aanspannen en vooral mijn armen waren hard aan het werk. 

En o ja dat oncharmante gehijg, dat hoorde er blijkbaar ook bij.

“Klopt dat wel,” dacht ik nog “dat je vooral veel spierkracht gebruikt in je armen bij het fietsen? Vast niet.” 

Maar voor mij was het nodig om die armen erin te gooien en heftig trekkend aan het stuur die fiets de brug op te sjorren.

Fluitend werd ik ingehaald door twee oude van dagen. Of tenminste wat wij vroeger oude van dagen zouden noemen. 

Tegenwoordig zijn het allemaal hippe, YOLO, pensionado’s met twee huizen die ze gekocht hebben in de tijd dat huizen nog niks kostten. Klagend over de extra drie maandjes die ze moesten doorwerken voor hun pensioen, leven ze heerlijk riant van hun zuur(?) verdiende geld onder de door klimaatverandering steeds lekker wordende zon.

“Ze spelen potjandikkie vals!” dacht ik nog terwijl ze mij fluitend voorbij sjeesden. “Of ze hebben wel heel veel meer conditie, dat kan ook.”

Maar nee hoor, daar zag ik hem al……..het grijze accuutje onder de bagagedrager.

“Ja, zo kan ik het ook,” dacht ik nog, mezelf verbijtend van jaloezie. “Grrrrr,” wilde ik bijna roepen, maar mijn gehijg benam me alle adem.

Maar ik doe het niet. Ik koop dus geen E-bike, ik kies niet voor zo’n snorrend systeem dat mij veel gemakkelijker veel verder brengt.

En dat is voor mijn lichaamsbeweging misschien nog niet eens zo’n slechte beslissing….

Maar veel teams doen het ook niet. Ze blijven liever doormodderen in ad hoc gedoe, veel discussie en oude patronen dan eens opnieuw te kijken en er een snorrend motortje onder te zetten.

Veel managementteams verzuipen in de waan van de dag! Simpelweg door te blijven rennen, te blijven brandjes blussen en te kiezen voor kleine quick fixes die uiteindelijk niks oplossen. Ze trekken met hun armen hard aan hun fiets.

Wat als jullie nu door een teamanalyse en een teamsessie van zo’n twee dagen wel weer de juiste accu hebben voor de volgende fase van jullie bedrijf? Hoeveel gedoe zou dat schelen? Kijk maar eens bij deze voorbeelden: https://www.deteamcoach.nl/voorbeelden-teamcoaching/

Bel me gewoon eens voor een gratis sparringsgesprek op 06-41335607/ info@deteamcoach.nl. Ik kom graag langs, zonder gedoe, zonder factuur en met de auto.

Gouden tip! Het boek ‘De 5 frustraties van teamwork’ van Patrick Lencioni

TIP van de DAG :-): al vele jaren heb ik als teamcoach enorm veel aan dit boek. En dat wil ik jou dus niet onthouden. Voor veel teammanagers (en ook voor mij toen ik het voor het eerst las) was het een openbaring om eens een boek te lezen wat zo gemakkelijk geschreven is en tegelijkertijd allerlei dagelijks gedoe van teams zo goed structureert.

Dus deze week een ander soort blog, namelijk een boeksamenvatting :-). Hoef jij het boek dus niet helemaal meer te lezen. Al zou ik je aanraden dat wel te doen!

De 5 frustraties van teamwork: hoe kun je ervoor zorgen dat het samenwerken leuk blijft?

Wie zou dit boek moeten lezen? Waarom zou jij dit boek moeten lezen?

Elke organisatie kent verschillende vormen van teams: projectteams, afdelingen en functionele teams. Deze groepen in een organisatie hebben één gemeenschappelijk kenmerk: ze hebben een doel dat samen moet worden gerealiseerd. Als leider of coach van zo’n team wil je ervoor zorgen dat iedereen achter het doel staat en er actief aan bijdraagt. Maar hoe doe je dat, hoe zorg je ervoor dat je een goed team hebt? Daarover gaat dit boek.

Het Verhaal

De 5 frustraties van teamwork is geschreven in verhaalvorm, wat het boek heel vlot leesbaar maakt. In de eerste 162 bladzijden van het boek vertelt Lencioni het verhaal van Catherine, de nieuwe CEO van een slecht functionerend high-tech bedrijf in Silicon Valley, die in haar nieuwe organisatie wordt geconfronteerd met een disfunctioneel managementteam. Tijdens de eerste weken bij haar nieuwe werkgever observeert ze de mensen die deel uitmaken van dat team en stelt enkele typische symptomen en gedragingen vast die typisch zijn voor een goede teamwerking. Stap voor stap vormt ze de groep tot een hecht team. Haar aanpak is gebaseerd op een groepsdynamiek die wordt weergegeven in de volgende driehoeken:

De linker driehoek geeft aan wat je moet trachten te realiseren in het team, de rechter driehoek geeft weer wat het tegengestelde is en het negatieve effect dat dat heeft op het team.
De driehoek moet van onder naar boven worden geïnterpreteerd.

Vertrouwen

Voor een goede teamwerking moeten alle teamleden elkaar vertrouwen. Zonder vertrouwen durven teamleden zich niet uit te spreken, omdat ze niet zeker zijn of iedereen wel positieve intenties heeft. In teams zonder vertrouwen worden deelnemers bijvoorbeeld wel eens belachelijk gemaakt omwille van wat ze zeggen. In teams met vertrouwen bestaat dat niet.
Vertrouwen hebben in elkaar betekent dat je je kwetsbaar kan opstellen in het team, want je wordt gerespecteerd. Het omgekeerde is vreselijk voor een team: wanneer teamleden zich onkwetsbaar opstellen, een schild hooghouden, afstand houden, dan wordt teamwork onmogelijk gemaakt.
Hoe je vertrouwen kan brengen in een team? Door persoonlijke details te delen (bijvoorbeeld uit je jeugd) of door in de groep feedbacksessies te houden waarbij iedereen zijn of haar sterkste en zwakste punt vertelt en de anderen daarop reageren.

Conflicten

Wanneer er vertrouwen is (de basis), durven de teamleden zich uit te spreken, hun mening te geven, of anderen uit te dagen in hun mening. ‘Conflicten’ lijken negatief, maar constructieve conflicten zijn juist zeer productief voor teams: daardoor kunnen ze problemen sneller en vollediger oplossen.
Het tegenovergestelde van (constructieve) conflicten is een kunstmatige harmonie: iedereen is vriendelijk; er zijn ogenschijnlijk geen problemen. Maar dat is bedrog, omdat niemand bereid is om de problemen te benoemen, te bespreken en ze op te lossen. Teammeetings waarin niet wordt gediscussieerd, waarin conflicten worden vermeden, zijn niet productief.

Betrokkenheid

De volgende trap in de driehoek is betrokkenheid. Wanneer alle teamleden bereid zijn om deel te nemen aan de discussies (zie vorige trap) ontstaat er betrokkenheid. Wanneer alle teamleden voelen dat ze hebben bijgedragen aan de besluitvorming, zullen ze veel meer betrokken zijn bij de uitvoering ervan, zelfs als de beslissing niet overeenkomt met hun mening. Betrokkenheid creëert duidelijkheid: duidelijke conclusies, duidelijke doelen.
Het omgekeerde leidt tot onduidelijkheid. Wanneer teamleden zich niet betrokken voelen, leidt dat tot vage afspraken en doelstellingen, waar niemand zich bijgevolg achter schaart. Kenmerkend voor dit soort teams is dat het aan het einde van de teammeeting niet duidelijk is of er nu wel of niet iets is afgesproken of wie juist wat gaat doen.

Verantwoordelijkheid

Pas wanneer al het vorige aanwezig is in een team, kan iedereen zijn verantwoordelijkheid opnemen, en – wat belangrijker is – kan iedereen de anderen aanspreken op de genomen verantwoordelijkheid. Dat is niet vanzelfsprekend. Alle teamleden in een team zijn gelijkwaardig, er is geen hiërarchie. Dus met welk recht zou het ene teamlid het andere erop mogen wijzen wanneer die iets doet dat tegen de afspraken ingaat, of tegen het vooropgestelde doel?
En toch is dat juist nodig om een team een topprestatie te laten neerzetten.
Het omgekeerde zijn teamleden die niet doen wat ze hebben beloofd, die hun doelstellingen niet halen en hun werk niet leveren. Het is duidelijk dat dat snel tot ongenoegen en frustratie leidt in een team.

Resultaten

Aan de top van de driehoek staan de resultaten. Dat zijn de beoogde resultaten voor heel het team. Het zijn de doelstellingen waarover iedereen het eens is. Maar het belangrijkste is: het zijn de resultaten waarvoor elk lid van het team zich mee zal inzetten. In een managementteam bijvoorbeeld betekent dit dat elk teamlid zich zal bekommeren om de vooropgestelde marketingdoelstellingen of kostendoelstellingen, ook al is de verantwoordelijkheid daarvan belegd bij een van de leden.
Het tegenovergestelde leidt tot teams waarvan de leden hun individuele prestaties en resultaten belangrijker vinden dan het resultaat van de groep. Dat zijn de teams waarin ego’s belangrijker zijn dan de groep zelf.

Ik heb erg genoten van het lezen van dit boek. Met het model werk ik letterlijk ook in teambijeenkomsten. Maar misschien nog sterker dan het model, is het zeer herkenbare verhaal over het team en over Catherine die daar chocolade van mag maken. Een aanrader!

De 5 frustraties van teamwork, Hoe je ervoor zorgt dat samenwerken leuk blijft – Patrick Lencioni, Business Bibliotheek, ISBN 978-90-470-0196-6 – Oorspronkelijke titel: The Five Dysfunctions of a Team

 

Medewerker stuk. Wat nu?

Hij doet het niet. Of hij doet in ieder geval niet wat de bedoeling is. Veel teammanagers hebben wel één of twee van die medewerkers in hun team, waarvan zij op zijn minst vinden dat hij lastig is of dat hij je meer energie kost dan dat hij oplevert. Vaak is dat ‘stuk zijn’ niet een heel duidelijk disfunctioneren of er echt een potje van maken. Het is meer zo’n ‘net niet matchen’. Zo’n net-niet-match die wel je sokken uit je schoenen doet kruipen van irritatie.

  • Die iemand komt bijvoorbeeld altijd met kritiek, vermomd als goede ideeën: “Hé, weet je wat we eigenlijk moeten doen…”
  • Die iemand trekt allerlei taken naar zich toe, die vervolgens weken blijven liggen op zijn kantoor.
  • Die iemand wijst net even te veel op zijn functieomschrijving om duidelijk te maken dat hij iets niet gaat doen.
  • Die iemand kan steeds niet komen op die vergadering, omdat hij dan net zijn moeder naar het ziekenhuis moet brengen (voor de 40ste keer).
  • Die iemand stuurt je een mailtje, als antwoord op dat zeer belangrijke memo, met de opmerking dat er een taalfout staat in de tweede alinea…

Behalve zo’n persoon langzaam te wurgen bij de kopieermachine, wat kun je nog meer doen?

Tip 1: Check je aannames

Geef maar toe, bij zo’n medewerker die net niet matcht, hebben we allerlei oordelen en aannames. We vinden het een mierenneuker, een zeikwijf, een klaploper, etc. Alleen wat we vaak vergeten is om het gesprek aan te gaan met de persoon in kwestie.

Als we dat wel doen, blijkt namelijk vaak dat dat gedrag waar jij je zo aan ergert, dat dat met de beste intenties wordt gedaan. Of dat iemand zich er in ieder geval niet van bewust is dat het gedrag zo irritant overkomt.

Wij vinden bijvoorbeeld de man die op zijn functieomschrijving wijst een pietje-precies, die niks voor een ander over heeft. Zelf weet hij gewoon simpelweg niet hoe hij ‘nee’ moet zeggen. Hij grijpt dan maar halfslachtig naar de functieomschrijving.

Dus ga het gesprek aan! Kom erachter wat er achter dat ‘rare’ gedrag zit. Als je dat weet kun je ook tot een werkende oplossing komen. En daar hoef je niet eens zo hard voor te werken, want als je dan toch in gesprek bent, laat dan ook de oplossing maar van de persoon zelf komen. Je zult versteld staan over hoeveel beter die waarschijnlijk is dan dat wat jij had bedacht :-).

Tip 2: Spreek de kaders uit!

Als ik een euro zou krijgen voor elke keer dat ik een teammanager hoor zeggen: “Hij snapt toch wel dat…” dan zou ik inmiddels harstikke rijk zijn.

We denken zo vaak dat we helder zijn in onze verwachtingen, in de kaders (wat wel en niet kan) en in onze afspraken, maar niets is minder waar.

We laten Klaas bijvoorbeeld een MBA doen (als zoethoudertje), terwijl er helemaal geen functie vrijkomt waar Klaas zijn opleiding kan toepassen. We vinden dat Sandra de kantjes ervanaf loopt, omdat ze al om 17.00 uur naar huis gaat. Maar we zeggen dat nooit tegen haarzelf. Sandra zelf denkt dat ze het juist goed doet door tot 17.00 uur te blijven en daarna nog wat thuis te werken. Ilse neemt vanuit loyaliteit steeds meer op haar bordje, terwijl wij juist zouden willen dat ze meer gaat delegeren (maar dat spreken we niet uit natuurlijk).

Spreek je uit! Ook al is het slecht nieuws, ook al stel je iemand teleur op de korte termijn. De grootste teleurstellingen zijn verwachtingen die jarenlang maar niet uit komen, omdat niemand zich durft uit te spreken.

Tip 3: Jij bent rolmodel, goed voorbeeld doet volgen

Als jij altijd tien minuten te laat komt op een vergadering… Als jij klaagt over die andere afdelingen… Als jij de stukken nooit helemaal leest… Als jij belooft er volgende week op terug te komen en dat vervolgens niet doet… Als jij de deadline steeds verschuift…

Ach je raadt het al, hè?

Goed voorbeeld doet volgen en het tegenovergestelde ook.

Tip 4 Soms zijn dingen tijdelijk

Je medewerker is een mens en mensen hebben wel eens iets. Dat hoeft 9 van de 10 keer niets met het werk te maken te hebben. Maar soms uit zich dat wel op het werk, juist in van die kleine irritaties. Je collega heeft bijvoorbeeld echt een moeder in het ziekenhuis. En juist daarom is het bijwonen van de vergadering waar allerlei meningen over de tafel vliegen net even teveel voor je collega. Maar in plaats van dat zo te benoemen, verzint je collega een smoes of een reden waar jij geen nee tegen kan zeggen.

Soms is simpelweg een beetje welgemeende interesse en aandacht het beste wat je kan geven. Die interesse en aandacht kunnen precies datgene zijn waardoor je medewerker zelf weer uit de malaise stapt en weer de schouders eronder zet.

Duwen en trekken helpt niet. Een beetje compassie vaak wel.

O ja: bij compassie denken we vaak dat we het verhaal van de ander helemaal moeten begrijpen en ook nog helpen oplossen. Puur luisteren en de ander wat ruimte geven is zoveel effectiever.

Tip 5: Soms zijn dingen eindeloos

Net beschreef ik een medewerker waar het even niet zo goed mee gaat. Maar je hebt natuurlijk ook je pappenheimers die in 1963 al ontslagen hadden moeten worden. Het zijn vaak de doorschuifmedewerkers van een grotere organisatie of juist medewerkers bij een kleine organisatie die heel goed matchten in de beginfase van je bedrijf, maar die niet meer matchen bij wat het bedrijf nu nodig heeft. Soms is dit zelfs één van de directeuren.

Ik heb eigenlijk maar één advies: neem afscheid! Op de meest respectvolle manier die je kunt bedenken. Heb respect voor wat iemand heeft betekend. Juist door eerlijk te zijn over dat iemand niet meer past. Dan gun je het iemand tenminste om ergens anders weer voluit te kunnen floreren.

In bijna elk teamtraject dat ik heb begeleid zijn er mensen vertrokken (vaak uit eigen beweging, omdat duidelijk werd dat het niet meer klopte). En al die keren is het voor beide partijen hartstikke goed geweest. Ik heb zelfs bedankmailtjes gehad van mensen die ontslagen zijn, simpelweg omdat ze nu weer lekker kunnen werken in plaats van verkrampt vast te moeten houden aan een functie die niet meer past.

Ik ben benieuwd welke lastige keuzes jij wel eens hebt moeten maken.

Geen grijze muis! Geen compromis!

“I See your True Colors… Shining Through…” Mooi hè? Dat liedje van Cindy Lauper uit de jaren 80…

In de grijze massa van veel teams, mis ik toch vaak al die mooie kleuren. Veel teams zijn in de loop van de jaren een verzameling grijze muizen geworden.

  • Al jaren met elkaar werken stimuleert nou niet echt tot een spannend gesprek.
  • De eindeloze, saaie vergaderingen hebben alle levensenergie er wel een beetje uitgeperst én
  • We hebben allemaal gemerkt dat als er beslissingen moeten worden genomen, we toch uitkomen op een soort halfslachtig compromis.

Het compromis (BLÈÈÈÈÈ) is in mijn beleving de grootste killer van teamenergie!

Je moet iets beslissen als team en in plaats van voor het beste resultaat te gaan, ga je voor die oplossing waarbij niemand zich geschoffeerd, gepasseerd of niet gehoord voelt.

Alle scherpe kantjes zijn er vanaf gevijld. Alle peper is er grondig uitgeknepen en alle plezier en sprankeling dus helaas ook.

“We moeten zorgen dat we draagvlak hebben”, nog zo’n managementterm, waarbij mijn nekharen altijd overeind gaan staan. Tuurlijk moet je zorgen voor draagvlak, maar dat doe je niet door mensen vooral te pleasen, tegemoet te komen en door alle wind uit ieders zeilen te halen.

Weet je wanneer je pas echt draagvlak krijgt? NOU???

Wanneer je met een oplossing komt die klopt. Die hout snijdt. Die past bij de situatie waar iedereen zich in bevindt. Die kortom gewoon de beste oplossing is. Let wel: de beste oplossing is niet altijd de meest geliefde oplossing.

Klinkt simpel toch?

En toch zie ik tig managers er niks van bakken.

  • Ze draaien liever uren om de hete brij heen dan een impopulaire maatregel te nemen.
  • Ze verzinnen liever een niet-bestaande functie dan iemand te ontslaan
  • Ze houden liever een niet-functionerende medewerker aan, dan deze de moeilijke boodschap te brengen dat hij niet matcht.
  • Ze stellen liever een lastige beslissing uit tot de volgende vergadering, dan nu het risico te lopen om mensen over zich heen te krijgen.

Laten we het beestje bij zijn naam noemen. De meeste managers zijn zachte heelmeesters. En je weet hoe het daarmee afloopt…

Die stinkende wonden zorgen voor een hoop oplopende situaties die in een eerder stadium voorkomen hadden kunnen worden.

Erger nog: je creëert er een grijze-muizen-cultuur mee.

  • Een cultuur waarin niemand zich nog echt uitspreekt.
  • Waar mensen zich verschuilen als er een beslissing genomen moet worden
  • Een cultuur van Ja zeggen en Nee doen.
  • En vooral een cultuur van middelmatigheid, verschuilen en heeeeeeeeeeel veeeeeeeeeeeeel voorzichtige woorden.
  • En een supersaai team.

Dat wíl jij toch niet?

Jij wilt toch een sprankelend team? Een team waarin de creatieve ideeën over de tafel vliegen? Een team waarin geleerd wordt van elkaar? Een team dat uitdagende klussen klaart en waanzinnige resultaten haalt?

JA? Nou dan is het tijd om eens ballen te tonen!

Dus, COME ON:

  1. Neem die beslissing, ook al is 95% het er niet mee eens. En dat doe je trouwens niet om je macht te tonen, maar gewoon omdat jij weet dat het de beste beslissing is)
  2. Vraag niet alle meningen op, maar alleen de meningen van die mensen die er echt iets vanaf weten.
  3. Wacht niet met beslissen totdat iedereen aanwezig is, maar beslis gewoon eens met de mensen die er wel zijn.
  4. Ga het gesprek aan met die niet-functionerende medewerker en zeg eerlijk dat jij hem niet meer vindt voldoen.

Wil jij hier meer in leren?

Klik dan HIER voor de Leergang voor Teammanagers